Terug

Utrecht Science Week in gesprek: RIVM en Trimbos-instituut

Het Utrecht Science Park werd op vrijdag 30 september voor de Utrecht Science Week omgetoverd tot een interactieve plek voor jong en oud. Rondom deze week vol workshops, activiteiten en lezingen nemen we een aantal programmaonderdelen onder de loep. We gaan in gesprek met sprekers en initiatiefnemers en gaan dieper in op de thema’s die aan bod kwamen tijdens de Utrecht Science Week 2022. Dit keer spreken we met Carolien van den Brink en Jolien Dopmeijer, respectievelijk projectmanager bij het RIVM en projectleider studenten en alcohol bij het Trimbos-instituut.

Mentale gezondheid van studenten

In de media was er de afgelopen tijd volop aandacht voor: de staat van de mentale gezondheid onder jongeren is zorgwekkend. Steeds meer studenten ervaren gevoelens van depressie, eenzaamheid, angst en prestatiedruk. Het RIVM deed, samen met het Trimbos-instituut, onderzoek naar deze ervaringen onder studenten en bracht de resultaten samen in de Monitor Mentale Gezondheid en Middelengebruik Studenten hoger onderwijs.

De meting werd gedaan in 2021, in opdracht van de ministeries VWS en OCW, om meer inzicht te krijgen in de staat van de mentale gezondheid en middelengebruik, vertelt Carolien van den Brink. Vanuit het RIVM was zij betrokken bij het onderzoek en tijdens de Utrecht Science Week presenteerde ze de resultaten uit het rapport. “Er waren al wel aanwijzingen dat er zorgen waren, maar als je dat niet kunt onderbouwen weet je ook niet goed wat je eraan kunt doen. Dus ja, eigenlijk hebben we voor de eerste keer een groot landelijk onderzoek gedaan onder studenten in Nederland. Via een vragenlijst keken we hoe het ervoor staat met de mentale gezondheid van jongeren, en allerlei factoren die daarmee samenhangen.”

“In de jaren hiervoor zijn er bij veel onderwijsinstellingen wel monitors afgenomen. Maar die golden dan wel alleen voor die instellingen.” Vult Jolien Dopmeijer, die meewerkte aan het onderzoek vanuit het Trimbos-instituut, aan. “Je zou dus kunnen zeggen dat er heel veel regionaal onderzoek was dat al tien jaar lang een zorgelijk beeld schetste van de situatie van studenten. Het was ook al duidelijker aan het worden wat ermee gemoeid ging, maar er waren nog geen landelijke representatieve cijfers.”

Vooruitgang

Het was dus al jaren duidelijk dat de situatie onder studenten zorgelijk was, wanneer het aankomt op mentale gezondheid. Waarom duurde het zo lang voordat dit onderzoek werd gestart? Rust er nog een taboe op mentale gezondheid? Jolien denkt van wel: “Het gaat inmiddels wel steeds beter. De coronacrisis heeft, denk ik, heel veel blootgelegd. Er werd veel gesproken over mentale gezondheidsproblemen waardoor het hele thema meer genormaliseerd is, maar het is nog steeds een ondergeschoven kindje. De nieuwe aandacht is goed, maar er mag nog meer aandacht heen. Fysieke en mentale gezondheid versterken, of belemmeren elkaar ontzettend.”

De groeiende aandacht voor het thema uitte zich dit jaar in een nieuwe aanpak vanuit de politiek. Onder de naam ‘Mentale gezondheid: van ons allemaal’ presenteerde VWS de kabinetsaanpak. Veelbelovend, maar in de begroting voor volgend jaar was dit nauwelijks terug te zien, wat tot teleurstelling leidde bij onder andere Ruth Peetoom, voorzitter van de landelijke GGZ. Herkennen Jolien en Carolien deze teleurstelling? “De plannen waren wel positief. Als het dan kennelijk in de begroting niet tot veel geld heeft geleid is dat jammer, maar het feit dát het gebeurde was goed. Ook om de aandacht ervoor te krijgen.” Zegt Carolien.

Ook Jolien ziet het positief in: “Er is veel meer aandacht voor mentale gezondheid gekomen, überhaupt. We zouden dat wel graag geconcretiseerd zien, maar dat zijn vaak dingen van de lange adem. Het gesprek is geopend, het belang wordt gezien en wij kunnen het steeds meer staven met onderzoek. En die onderzoeken geven weer richting aan wat je er mee moet. Zo’n monitor, wat wij dan doen, dat mogen we blijven doen. Er wordt vanuit de ministeries in geïnvesteerd omdat zij het belang zien. We hebben gezien dat dat ook echt leidt tot acties in, onder andere, het onderwijs.”

Cultuur, of eigen verantwoordelijkheid?

De aandacht voor het onderwerp groeit, maar wat zijn de oplossingen? Een omslag in de cultuur is belangrijk, maar het moet volgens Jolien en Carolien ook vanuit de mensen zelf komen. “Ik denk wel dat we heel prestatiegericht bezig zijn met z’n allen en heel hard werken.” Vindt Jolien. “Hoe vaak heb je wel niet dat iemand aan je vraagt: hoe gaat het met je? En dat je antwoord is: ja ik ben druk? Terwijl, druk zijn is helemaal geen gemoedstoestand. ‘Ik ben druk’ betekent eigenlijk dat ik moe ben en wat minder goed in m’n vel zit dan normaal gesproken. Het is dan aan mij om ervoor te zorgen dat ik het minder druk krijg, om die beweging te maken.”

Toch is een omslag in de cultuur volgens haar ook nodig: “Tegelijkertijd moeten we ook gaan kijken: oké, wat zorgt er nou voor dat deze situatie ontstaat? Want het is niet alleen dat ik niet goed plan, of dat ik te veel werk op me neem. Feit is soms gewoon dat er te veel werk ligt, de cultuur is dan: dit gaan we met z’n allen wel regelen. Er moet natuurlijk ook gewoon iets veranderen aan de situatie zelf, dat het werk te hoog oploopt.”

De werksfeer in Nederland is doordrongen van deze mentaliteit, maar het begint al bij onderwijsinstellingen, Jolien ziet hier wel verbeteringen ontstaan. “Hogescholen en universiteiten beseffen dat het welzijn van hun studenten, maar ook van de docenten en andere medewerkers, in het geding is. Ik werk zelf in het hoger onderwijs en zie dat door blijven rennen niet meer alleen beloond wordt.” Toch is er nog een hoop dat beter kan, vindt ze. “De oorzaak van dat gedrag ligt vaak bij de systemen en curricula. Op dit moment zijn die vaak nog wel ingericht op een manier dat rennen, meer en harder werken, beloond wordt. Je ziet nog wel eens dat de programma’s zó vol zitten en dat je alles moet halen, terwijl er weinig speling is. Aan de andere kant zie je ook wel meer flexibilisering van de curricula ontstaan. Er is dus een beweging die de goede kant op gaat, maar het heeft tijd nodig.”

Toegevoegde waarde van het Utrecht Science Park

Samenwerking tussen partners op het Utrecht Science Park is van groot belang. De Utrecht Science Week brengt alle partijen die hier gevestigd zitten samen, en dat kan leiden tot mooie resultaten. Ook het RIVM zal binnenkort verhuizen naar het Science Park. Wat verwacht Carolien hiervan? “Er wonen, studeren en werken natuurlijk heel veel mensen.” Vertelt ze. “Al die werkgevers hebben ook een verantwoordelijkheid op dit gebied, mentale gezondheid op werk en op school is natuurlijk ook heel belangrijk. Naast dat de partners op het Utrecht Science Park een wetenschappelijke bijdrage kunnen leveren, heb je ook de verantwoordelijkheid voor het welzijn van je studenten of werknemers. Het is goed om, bijvoorbeeld op de universiteit, te zien wat er in de praktijk met zo’n onderzoek gebeurt. Daar kunnen wij dan ook weer van leren.”

De praktische kant dus, maar ook in de wetenschappelijke bijdragen zien ze allebei potentie. “Ik ben benieuwd in hoeverre de andere partijen daar bezig zijn met dit thema.” Aldus Carolien. “Het is ook één van de redenen waarom wij, als RIVM, er überhaupt naartoe verhuizen. Om daar fysiek dichterbij te zijn, ook bij de potentiële samenwerkingspartners.”

Het Trimbos-instituut verhuist niet naar het Science Park, maar ook Jolien kan meepraten over de voordelen die een samenwerking tussen verschillende instanties, organisaties en bedrijven biedt: “Ik denk dat het zeker kan leiden tot meer samenwerken, dat gebeurt vaak bij dit soort events: dingen ontstaan. Ik kan me voorstellen dat je, zonder dat je je meteen vastlegt, gaat verkennen of dat zo kan zijn. Dat je in ieder geval goed kennismaakt met alle partijen op het Science Park en de gedeelde beelden ophaalt.”

Wel is het zo dat er nu ook al wordt samengewerkt, zegt Jolien: “Je hebt de Universiteit Utrecht, de Hogeschool Utrecht en niet op de laatste plaats het UMC. Daar zitten ook onderzoekers waarmee nu al wordt samengewerkt, ook op deze thema’s. Vanuit het Trimbos-instituut is er al wel een link. Sterker nog: we hebben mensen die bij beide organisaties werken.”

Mentale gezondheid op de Utrecht Science Week

Op woensdag 5 oktober presenteerde Carolien de onderzoeksresultaten op de Utrecht Science Week, waarna onder andere studenten, een studentenpsycholoog en de aanjager studentenwelzijn van de HU met elkaar in gesprek gingen. Naast voorlichten en in gesprek gaan, konden het RIVM en het Trimbos hier ook antwoorden en inzichten vinden.

Carolien: “Ik vind het al mooi om het gesprek erover aan te gaan. Eén van de dingen is toch wel openheid en het bespreekbaar maken. Dat er geen taboe meer op rust als het niet goed met je gaat. Er zitten ook weer mensen bij, zoals zo’n studentenpsycholoog, waarvan ik dan ook weer kan leren. Enerzijds dus het bespreekbaar maken, en anderzijds die ervaringsverhalen. Horen van de studenten zelf en de mensen die met studenten werken.”

Dat horen van studenten zelf is ontzettend belangrijk, benadrukt Jolien. “Er zijn veel dingen die we hebben vastgesteld, maar we weten niet altijd goed wat het verhaal erachter is. Hoe komt het dat je wel of niet goed in je vel zit, of tevreden bent? Wat gaat daarachter schuil? Tijdens een Utrecht Science Week kun je dat soort verhalen ophalen. Het geeft zicht op blinde vlekken waar we nog niet aan hadden gedacht, maar die we wel mee moeten nemen in onze vragenlijst of in vervolgonderzoeken. Jongeren en studenten erbij betrekken stuurt ons werk heel erg. Hun verhaal duidt het geheel, anders zijn het alleen maar cijfertjes en die zeggen niet zoveel over het individu. Iedereen heeft een eigen levensverhaal, een eigen beeld. We proberen bepaalde concepten te vangen in algemene definities, maar dat betekent niet dat iedereen die op dezelfde manier beleeft. Ik kan de definitie van prestatiedruk opdreunen, maar iedereen ervaart het anders. Het is dus belangrijk om daar goed zicht op te krijgen, zodat we iedereen daarbij kunnen helpen.”

Op woensdag 5 oktober stond Carolien namens het RIVM op de Utrecht Science Week, in het paviljoen bij de Botanische Tuinen. Er waren veel vragen en reacties vanuit de zaal en samen met een panel bestaande uit een studentenpsycholoog, voorzitter van de landelijke studentenvakbond, de aanjager studentenwelzijn HU en een vertegenwoordiger van het Trimbos-instituut was het een inspirerende en waardevolle sessie.